Ja, werkgevers zijn verplicht een arbodienst in te schakelen wanneer zij 25 of meer werknemers in dienst hebben. Deze verplichting staat beschreven in de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) en geldt voor alle bedrijven die deze drempel overschrijden. Werkgevers met minder dan 25 werknemers kunnen vrijwillig een arbodienst inschakelen, maar zijn hiertoe niet wettelijk verplicht.
Wanneer is een werkgever wettelijk verplicht een arbodienst te hebben?
De wettelijke verplichting voor een arbodienst treedt in werking zodra een werkgever gemiddeld 25 of meer werknemers in dienst heeft. Deze telling gebeurt op basis van het gemiddelde aantal werknemers over een periode van twaalf maanden. Alle werknemers met een arbeidsovereenkomst tellen mee, ongeacht of zij fulltime of parttime werken.
Voor de berekening worden alle personen meegeteld die een arbeidsovereenkomst hebben, inclusief tijdelijke krachten, oproepkrachten en werknemers met een nulurencontract. Uitzendkrachten tellen niet mee voor de inlenende organisatie, maar wel voor het uitzendbureau zelf. De telling vindt plaats per kalenderjaar, waarbij wordt gekeken naar het gemiddelde aantal werknemers gedurende dat jaar.
Wanneer een bedrijf de grens van 25 werknemers overschrijdt, heeft de werkgever drie maanden de tijd om een contract af te sluiten met een gecertificeerde arbodienstverlener. Deze termijn geldt vanaf het moment dat duidelijk wordt dat het gemiddelde over het jaar boven de 25 werknemers uitkomt.
Wat gebeurt er als je als werkgever geen arbodienst hebt terwijl dit wel verplicht is?
Werkgevers die geen arbodienst hebben terwijl dit wel verplicht is, riskeren boetes van de Inspectie SZW. Deze boetes kunnen oplopen tot duizenden euro’s en worden per overtreding opgelegd. Daarnaast loopt de werkgever het risico op aansprakelijkheid bij arbeidsongevallen of beroepsziekten van werknemers.
Zonder arbodienst ontbreekt de wettelijk verplichte ondersteuning bij verzuimbegeleiding. Dit kan leiden tot langdurig verzuim en hogere kosten voor de werkgever. Ook kunnen werknemers een klacht indienen bij de Inspectie SZW over het ontbreken van adequate arbozorg, wat tot een onderzoek en mogelijke sancties kan leiden.
Bij arbeidsongevallen of het ontstaan van beroepsziekten kan de werkgever aansprakelijk worden gesteld voor schade die mogelijk voorkomen had kunnen worden met adequate arbodienstverlening. Dit kan resulteren in hoge schadeclaims en juridische procedures. Verzekeraars kunnen ook weigeren schades te vergoeden wanneer wettelijke verplichtingen niet zijn nagekomen.
Welke taken moet een arbodienst uitvoeren voor werkgevers?
Een arbodienst moet verschillende wettelijk verplichte taken uitvoeren, waaronder verzuimbegeleiding, preventief medisch onderzoek, werkplekonderzoek en advisering over arbeidsomstandigheden. Deze taken zijn vastgelegd in de Arbowet en moeten door gecertificeerde professionals worden uitgevoerd.
Verzuimbegeleiding vormt een kernonderdeel van de arbodienstverlening. Dit omvat het begeleiden van zieke werknemers, het opstellen van plannen voor re-integratie en het adviseren van werkgevers over passende maatregelen. De arbodienst moet binnen zes weken na de ziekmelding contact opnemen met de zieke werknemer.
Preventief medisch onderzoek wordt uitgevoerd om gezondheidsrisico’s op de werkplek te identificeren en te voorkomen. Dit kan bestaan uit periodieke gezondheidscontroles, aanstellingskeuringen voor specifieke functies en onderzoek naar de geschiktheid van werknemers voor bepaalde werkzaamheden.
Werkplekonderzoek en advisering over arbeidsomstandigheden helpen werkgevers bij het creëren van een veilige en gezonde werkomgeving. De arbodienst adviseert over risico’s, preventiemaatregelen en het naleven van arbowetgeving. Ook ondersteunen zij bij het opstellen van risico-inventarisaties en -evaluaties.
Zijn er uitzonderingen op de arbodienstverplichting?
Werkgevers met minder dan 25 werknemers vallen onder de belangrijkste uitzondering en zijn niet verplicht een arbodienst in te schakelen. Voor deze kleinere bedrijven geldt wel de verplichting om zelf adequate arbozorg te organiseren, bijvoorbeeld door het inschakelen van een externe deskundige wanneer de eigen kennis ontoereikend is.
Tijdelijke werknemers, zoals seizoenarbeiders of projectmedewerkers, tellen wel mee voor de berekening van de grens van 25 werknemers. Het gaat immers om het gemiddelde aantal werknemers over een jaar, niet om het aantal vaste contracten. Uitzendkrachten vormen een uitzondering, omdat zij niet meetellen voor de inlenende organisatie.
Een alternatief voor het inschakelen van een externe arbodienst is het in dienst nemen van een eigen bedrijfsarts of arbodeskundige. Dit is vooral interessant voor grote organisaties die voldoende omvang hebben om deze expertise intern te organiseren. Ook kunnen werkgevers ervoor kiezen om specifieke taken uit te besteden aan verschillende specialisten in plaats van alles bij één arbodienstverlener onder te brengen.
De keuze voor een externe arbodienstverlener biedt vaak meer flexibiliteit en expertise, vooral voor bedrijven die net boven de grens van 25 werknemers uitkomen. Wij helpen werkgevers bij het maken van deze belangrijke keuze en zorgen voor een aanpak die past bij de specifieke behoeften van uw organisatie. Voor meer informatie kunt u contact met ons opnemen.
Reacties zijn gesloten.